Corona & Ik

Denise:

Mijn lief stapt in de vroege ochtend met 2 vrienden en zoonlief op de fiets, bepakt en bezakt, voor een weekendje Ardennen. Het is 13 maart, er schijnt een zwak zonnetje en de meest dichtstbijzijnde Corona hectiek speelt zich af in Italië. Ik ga verder tot de orde van de dag, zoals iedere vrijdag.

Terugkijkend veranderde, voor mijn gevoel, alles in de loop van vrijdag de 13e. De schappen raken spontaan leeg, het sterftegetal stijgt van 1 naar 12 en ik zet mijn voet op de rem, op weg naar België, bij de nieuwe snelheidsborden van 100 km. Maar ik doe gewoon boodschappen, ga tanken in België, hobbel op mijn gemak door de Action en sta hutjemutje een half uur in de rij bij de apotheek. Ik ben op dat moment nog hoogblond en mijn ‘nuchtere ik’ heeft niks door. Ik ga gewoon verder tot de orde van de dag.

Op zaterdag help ik Sjef met verhuizen en ’s middags ga ik een hapje eten met mijn vader. Niet wetende dat dit misschien wel de laatste keer is in lange tijd dat ik hem zal zien. Of een restaurant zal bezoeken. Ze zijn aan het opbouwen voor een feestje die avond. Alles is nog ‘gewoon’. Als ik thuis kom, check ik Facebook. Ik heb verbaas me lichtelijk. Toch lijkt het nog niet zo door te dringen. Ik ga over tot de orde van de dag en bij gebrek aan beter, poets ik het huis.

Als ik op zondag de mannen verwelkom na een weekendje fietsen en vuren, ver weg van de bewoonde wereld, licht ik ze miniem in en laat ze vrolijke muziekfilmpjes zien vanaf balkons in Italië. We lachen en drinken gezellig een biertje. We eten tapas en gaan daarna verder tot de orde van de avond.

Op maandag breekt de nieuwe werkweek aan. Onder het mom ‘het nieuwe werken’ installeer ik me boven aan een bureau. Werd ik in eerste instantie nog moe door een overload aan Corona berichten, nu zuig ik alles op als een spons, via mail of Social Media. Ik erger me inmiddels over onzinnige andere berichten. Nee, ik wil geen robot grasmaaier kopen! Ik ben aangemeld bij verschillende backpackers sites op Facebook, en verbaas me met de dag meer over wat men hier post. ‘Er komt hier een lockdown, waar kan ik nog naartoe om toch nog een leuke vakantie te hebben?’, ‘Iemand zin om een drankje te doen? Hoe meer zielen hoe meer vreugd’. Ben je dan A. Jong? B. Dom? Of heb je ergens heel diep onder een steen gelegen? Ik begrijp je hoor, dat je wilt genieten van je zuur verdiende centen en je lang hebt uitgekeken naar deze reis. lk begrijp het echt. Maar misschien moet je er er toch even over nadenken dat het voor jou heel fijn dat is als jij zometeen nog terug naar Nederland kunt komen en de goede zorg krijgt, terwijl de locals in het land dat je achterlaat, en die je misschien wel aangestoken hebt, geen zorg én geen geld hebben. Ik blijf lang hangen in deze orde van de dag.

We boekten een tijd geleden met vrienden een weekendje Ardennen, aankomend weekend. Wel of niet gaan, zorgt onbewust voor onrust. We appen dagen met elkaar wat we zullen doen. De Belgische overheid maakt de beslissing voor ons als we lezen dat er een lockdown in België komt. Het besluit geeft rust en vanaf dat moment gaat bij mij het roer om. Mijn bewustzijn en mijn gedachten worden resoluut, niet à la Denise, uiteraard continue gevoed door de media. Ik besluit: Ik blijf thuis. Ik lees alles wat los en vast zit en licht mijn lief in, die zich te pletter werkt in deze tijd van crisis. Hij houdt 100 ballen tegelijk omhoog, met alle gevolgen van dien, maar blijft zijn lieve zelf. Ik kan er alleen maar respect voor opbrengen. Ik breng hem af en toe een kus om vervolgens weer achter mijn laptop te kruipen op Sjef’s verlaten zolderkamer.

De orde van de dag is zoek.

Op woensdagavond hebben we pittige discussies met onze kinderen. We zijn het niet overal over eens, maar zo gaat dat met ouders en kinderen. ‘Moet ik me opsluiten dan??’ (Ja!) ‘Maar ik ben niet ziek’ (nee maar binnen 2 weken misschien wel en dan heb je het al overgedragen). ‘Maar in het park blijven we 2 meter van elkaar’ (Ofcourse, en je hebt niet per ongeluk iemand een knuffel of een boks gegeven om vervolgens te zeggen ‘oh dat mag niet meer hè’) Maar wat ik ze ook gezegd heb: ‘Ik begrijp jullie ook. Bram en ik hebben elkaar en hebben daar genoeg aan. Onze tuin, onze borrels en onze muziek. Meer voelen we niet nodig te hebben. Jullie alternatief is bij pa en ma op de bank en het opgeven van je vrijheid’. Geen sportschool, geen café, geen studentenvereniging en geen eettentje. Mensen zijn gewoontedieren. Wij, maar ook zij. Onze jong-volwassenen. En die gewoontes liggen mijlenver uit elkaar. Toch blijf ik het zeggen: Houd afstand en gebruik je gezond verstand. We hebben je het niet voor niks gegeven! Ik hoop dat ze luisteren.

Ondanks alle negatieve berichten, ondanks het stijgend aantal doden, ondanks alle onzekerheid op gezondheids- of zakelijk vlak, ondanks dat we niet weten wat morgen ons brengt, ondanks de onzekerheid hoe lang dit nog gaat duren, ondanks onze vrees wat er nog komen gaat… Wil ik positief blijven. De zon schijnt (ineens?), we zijn (nog) gezond en we genieten van de kleine dingen. Elkaar, muziek, liefde en aandacht. En alleen voor mezelf kan ik zeggen dat het veel, en veel slechter kan.

Heel veel sterkte voor alle zieken, familie van zieken, de horeca, mijn voormalige collega’s, chauffeurs, mensen in de zorg, schoonmaakpersoneel, winkelpersoneel, mensen met kleine kindertjes thuis, de zelfstandige ondernemers, de zzp’ers en iedereen die ik vergeten ben. Wij hebben het makkelijk in vergelijking tot hen.

Sinds vrijdag zijn we 3 keer boodschappen gaan doen. We hebben het nodige gehaald en een kleine hoeveelheid proviand ingeslagen. We vertrouwen op onze kook-creativiteit. Voor iedereen die nu 100 wc rollen thuis heeft liggen, wij hebben er nog 2. Geniet ervan, wij doen het, als het op raakt, wel op de Indonesische manier!

Stay loved & stay healthy!

PS. Beiden willen we iets voor anderen doen. Door ons werk kan dat helaas alleen in de avonduren of op vrijdag, zaterdag en zondag. We zijn er zelf al mee bezig maar weet je iets? Laat het ons alsjeblieft weten!

stay_healthy_and_happy-300x260

Dag lieve mam

Zo klein maar zo groots,                

Was jouw liefde voor mij.

Je gaf me leven, je gaf me liefde,

Je maakte me zoveel beetjes blij.

 

Zo klein maar zo groots,

Was je liefde voor pap, mijn grote held.

Je leerde me dat materialisme onzin is,

En liefde het enige dat telt.

 

Zo klein maar zo groots,

Was je liefde voor Joey en Sjef.

Je hebt hun wereld in alle vormen verrijkt,

Zo ontiegelijk veel meer dan je ooit hebt beseft.

 

Zo klein maar zo groots,

Was je hart voor de wereld om je heen.

Nooit nemen, alleen geven,

Uniek in je soort, zo warm als geen één.

 

Zo klein maar zo groots,

Stralend maar bescheiden.

Altijd op de tweede plek,

Zoveel dierbare, prachtige tijden.

 

Zo klein maar zo groots,

Was ontzorgen je grote gave.

Met je kookkunsten en je warmte,

En thuis als veilige haven.

 

Zo klein maar zo groots,

Zul je voor altijd bij me zijn.

Met een glimlach zal ik aan je denken,

Al doet verdriet nu veel beetjes pijn.

 

Zo klein maar zo groots,

Verrijk je de hemel als mooiste ster.

Straal daar zoals je hier deed en wees gelukkig,

Kijk tevreden op ons neer, maar ga niet te ver.

 

Zo klein maar zo groots,

Blijf je voor altijd in mijn gedachten.

Dankbaar dat ik je dochter mocht zijn,

Blijf alsjeblieft op me wachten.

 

Zo klein maar zo groots,

Is mijn dank aan jou.

Voor je onvoorwaardelijke liefde,

Lieve mam, ik hou van jou.

Ik… Naar de andere kant van de wereld

De reis is geboekt. Moeders gaat op reis. Solo. Naar de andere kant van de wereld.

Twijfel. Eeuwige twijfel. Kan het? Krijg ik verlof? Krijgt Sjef verlof? Kan ik iedereen 3,5 week achterlaten? Mag ik zo egoïstisch zijn? Kan ik de liefste missen en red ik het in mijn eentje? Het kostte -tig gesprekken, de nodige borrels en mijn lief’s overredingskracht om uiteindelijk ‘JA’ te zeggen en me daar goed bij te voelen. Het verlof werd geregeld, ik boekte de tickets en toen was het goed. De voorpret kon beginnen!

In de zomer is het zo ver. Eerste stop: Singapore.

Voor wie het niet weet, Singapore is een stad- en eilandstaat van ruim 700 km2. Zo’n 60 keer kleiner dan Nederland! Hier zal ik 5 dagen alleen doorbrengen. Met een minimale backpack zal ik om 4.00 ’s morgens aankomen en op zoek gaan naar de metro die me naar het centrum zal brengen. Vanaf dat moment vervalt iedere vorm van planning. Precies zoals ik het wil, ik laat alles over me heen komen. Waar ik de dagen spendeer, wat ik ga ondernemen, wat ik eet en wie ik ontmoet. Wel boekte ik de eerste overnachting, à la Denise, spontaan. Misschien iets té spontaan. Misschien moet ik dat even uitleggen…

Sjef boekt standaard, bij aankomst en/of vertrek een luxe verblijf om bij te komen van de reis of nog even luxe te genieten van zijn avontuur. Kamer met 3 vertrekken, een zwembad op de 57e verdieping, met een waanzinnig uitzicht over de stad en exotische cocktails aan de poolbar. Dat klinkt natuurlijk fantastisch maar ikzelf kijk niet echt uit naar alleen op een hotelkamer zitten in een hotel vol stellen, gezinnen en zakenlui. Ik blijf een mensen-mens en wil graag andere mensen ontmoeten. Andere culturen leren kennen, verhalen horen en ervaringen delen. Ik zocht dus een mooie middenweg en vond er eentje. Een hostel met fantastische recensies, niet eens zo gek ver van het centrum. Een eenpersoonskamer, eenpersoonsbed, niet restitueerbaar. Toch nog even ‘gedoublecheckt’, helemaal goed! Ik boekte totdat ik er 3 dagen later ergens klein zag staan: ‘Kamergrootte 60m2’. Hmmm… dat is toch wel erg groot voor een éénpersoonskamer en 23 euries. Waarschijnlijk heb ik dus gewoon een stapelbed in een gezamenlijke slaapzaal geboekt met een gordijntje ervoor waarmee ik mijn éénpersoonskamer afsluit. Ik kan er alleen maar om lachen en zie het wel als ik daar aankom. Gewoon een paar goede oordopjes meenemen. De overige 4 dagen slaap ik in een nieuw, fancy hostel in Chinatown met mede-backpackers, al zullen de meesten van een andere generatie zijn. Mama gaat basic.

Op de 5e dag vlieg ik naar Darwin, in het Noorden van Australië, waar ik Sjef na 5 maanden weer een dikke knuffel kan geven. Vanuit Darwin willen we een roadtrip maken naar Cairns. 1 week, 3000 km. Een auto huren en links rijden in the middle of nowhere. Sjef gaat de route uitzetten met een collega die uit Cairns komt en alle mooie pareltjes onderweg kent. Ik kijk uit naar prachtige vergezichten en National Parks. Maar ook naar een biertje drinken in een aftandse pub en genieten van elkaars gezelschap.

Na hopelijk in het Groot Barrièrerif te hebben gedoken, ruilen we Australië in voor Indonesië. De planning is vliegen naar Jakarta waarna we, backpackend en treinend, Java zullen doorkruisen. Op brommertjes crossen, tempels en theeplantages bezoeken, Bintang’s drinken met locals en het beste streetfood ter wereld eten. Ik geniet alleen al bij de gedachte eraan. Niks is zeker en onderweg kan de planning tussen Darwin en onze gezamenlijke eindbestemming zomaar veranderen. Gelukkig zijn we uit hetzelfde hout gesneden en zullen we allebei zoiets hebben van: we zien wel. ‘Take life as it comes’.

Vanaf Java zullen onze wegen weer scheiden. Hij terug naar Australië, ik terug naar Singapore en weer naar huis. Met weemoed zal ik hem achterlaten, mijn backpack gevuld met onuitwisbare herinneringen.

Het wordt een make-up-loze, nagellak-vrije trip met haren in een knot. Stijltang-loos, heerlijk casual op gympies en slippers. De vaccinaties staan gepland. Daarnaast nog een internationaal rijbewijs halen, een visum regelen en een bikini scoren. Dit kunnen delen met mijn zoon zal in ieder geval een ervaring worden die we nooit vergeten!

Vandaag zijn we, met ons (bijna) hele gezin, 2 minuten stil om 20.00 uur. We kijken op televisie naar de Dodenherdenking. Ik merk dat het me meer raakt dan andere jaren. Misschien door de emotionele week of misschien door herinneringen dat vrijheid, in welke vorm dan ook, niet vanzelfsprekend is.

Voor nu geniet ik van die vrijheid en de vrijheid die mij gegeven wordt. Life’s short. Dat merk ik helaas de laatste tijd maar al te vaak. So yes, I’m going to take the trip and enjoy every second!

Capture

Je zoon aan de andere kant van de wereld

25 februari vertrok hij. We zwaaiden hem uit op het vliegveld. Wij met een brok in de keel, hij met een backpack vol dromen en een smile van oor tot oor. Einddoel: Australië.

Drieëntwintig jaar en een avonturier. Twee jaar geleden backpackte hij in zijn eentje een maand door Indonesië en was op slag verliefd. Op het land, de mensen, het weer en de cultuur. Hij reisde van de ene naar de andere kant van het land, verkende de onbewoonde wereld per scooter, trok van hostel naar hostel en overnachtte en at voor 3 euro per dag. Dat laatste niet onbelangrijk voor een student. Hij maakte vrienden en snoof alle cultuur op die het land te bieden had. Hij leerde zichzelf kennen, met vallen en opstaan. Hij werd gerold van zijn telefoon, zijn bankpas werd geblokkeerd maar hij redde zich en het weerhield hem niet om binnen een jaar Azië nog twee keer aan te doen.

Een wereldreiziger in de dop en ik verwachtte na de derde reis dan ook ‘Mama, ik trek de wijde wereld in’. Die uitspraak liet op zich wachten totdat ik eens voorzichtig polste wat zijn toekomstplannen waren. 2 maanden later waren alle plannen rond: Een week vakantie vieren in Maleisië, doorvliegen naar Australië en een baan zoeken. Een aantal maanden werken om daarna een tijdje door Azië te reizen. Hij regelde zijn vluchten, een werkvisum voor een jaar en struinde heel internet af hoe hij het snelste aan werk zou kunnen komen. Het leek erop dat de banen voor het oprapen lagen, als je maar bereid bent hard te werken en alles aan wilt pakken. Eitje dus, in zijn geval.

Voor vertrek werkt hij zich een slag in de rondte. Omdat hij veel avonddiensten draait, lopen onze levens langs elkaar heen maar door de geslaagde surprise-party kunnen we op een fijne manier afscheid nemen. We zijn jaloers, wat een mooi avontuur! We gunnen het hem enorm. Zijn enthousiasme werkt aanstekelijk en is daarmee een pleister op de wond van gemis.

In Maleisië trekt hij er de eerste dagen alleen op uit, waarna een bevriende local hem de mooiste plekken laat zien. ‘Chill-time’ wisselt hij af met excursies. Na een week kan het echte werk beginnen.

Sydney bevalt vanaf de eerste dag niet. Te groot, te materialistisch, te snel, te onpersoonlijk en enorm duur. Als ik na een aantal dagen op Facebook lees dat hij twijfelt en het liefste terug naar Azië wilt, breekt mijn moederhart. Hij mist Azië. De vriendelijke mensen met hun eeuwige glimlach, het weer en de ontspannen sfeer. Toch zet hij door. Hij solliciteert vanuit Sydney op vacatures voor aardbeienplanter, farm-boy en broccoli-teler. Hij behaalt een horeca certificaat en struint alle horecazaken in Sydney af. ‘Nee’ is het meest voorkomende antwoord, naast ‘solliciteer maar online’ of ‘we bellen u’. Niemand belt ooit terug.

Na 2,5 week tevergeefs solliciteren besluit hij zijn geluk ergens anders te zoeken, boekt een ticket naar Darwin en vliegt van het Oosten naar het Noorden van Australië. Ook daar krijgt hij een week lang nul op het rekest. In het hostel, waar hij met 6 anderen op een kamer bivakkeert, wordt een flyer opgehangen. Ze zoeken mensen voor een resort in een National Park voor allerhande werkzaamheden. Hij is gelijk enthousiast en enorm positief na een gesprek met de eigenaar. De teleurstelling is des te groter als hij de baan een dag later toch niet krijgt. Hij solliciteert stug door. Omdat we hem willen helpen, vragen we kennissen naar tips en sturen die door.

Op maandagmorgen word ik wakker van een WhatsApp bericht. Hij is gebeld door het resort dat hij toch mag beginnen en moet binnen een half uur klaar staan om te vertrekken naar het resort. Mijn dag kan niet meer stuk!

En nu verblijft hij in the middle of nowhere, kost en inwoning inbegrepen. Leven tussen de kangoeroes, krokodillen, buffels, spinnen, slangen en walibi’s. De dichtstbijzijnde winkel is 50 minuten met de auto. Onderweg kom je niemand tegen. Het is een resort dat maar zes maanden per jaar open is. Tijdens het ‘natte seizoen’ is het gesloten, te groot krokodillen gevaar. Voor de opening, binnen een paar weken, is er nog veel werk te doen. Voor nu betekent dat alles weer in perfecte staat brengen voordat de eerste gasten arriveren. 10 uur per dag, 7 dagen per week onkruid weghalen, boomstammen wegslepen en schoonmaken. Daarna wordt het ook receptie werk, technisch onderhoud en al het andere werk dat er gedaan moet worden. Het is hard werken, bij 38 graden en 80 procent luchtvochtigheid. Hij valt iedere avond om 22.00 uur moe maar voldaan in slaap.

Van een hele verdieping hier in huis met eigen badkamer en internet op ieder moment van de dag naar een kamertje met enkel een bed, een tafeltje, buiten douchen en amper WiFi. Water in plaats van cola en 2 euro voor een blikje bier. 10 als je het in een café drinkt. Helemaal back to basic.

Hij belt iedere dag, soms twee keer per dag. Een paar minuutjes via FaceTime. Ik zie hem stralen en genieten. Als ik even mijn dag niet heb, maakt hij het weer goed. We hebben meer contact dan ooit en het doet me enorm goed. Ik merk nu pas hoe hecht onze band is.

Geregeld krijg ik de vraag of ik hem ga opzoeken. Dat antwoord moest ik altijd schuldig blijven omdat ik niet wist wanneer hij waar zou zijn. Vandaag, tijdens ons dagelijks ‘bel-momentje’ vertelt hij dat hij wel van plan is om tot november op het resort te blijven werken. En dan komt mijn eigen avonturiersbloed naar boven. Ik heb altijd al gezegd dat ik een keer een reis in mijn eentje wil maken. Om te zien hoe ik dat ervaar en beleef. Jaren geleden zag ik voor me dat ik alleen op de fiets zou stappen richting Santiago de Compostela. Of een deel ervan lopen met een rugzak. Kijken wat het met me doet als ik op mezelf aangewezen ben. Nu is die eindbestemming dus gewijzigd naar Australië. Misschien een week Australië en een week Azië, ik weet het niet. De toekomst zal het leren. Mijn lief gunt het me in ieder geval enorm maar wat zou ik hem missen!

Terwijl ik in de paella pan roer, druppelen de andere kinderen binnen. We voeren fijne en diepgaande gesprekken. We genieten van ons prachtige gezin, ondanks dat er eentje ontbreekt.

Voor nu geniet ik van al zijn avonturen die hij met ons deelt. Wat zijn we trots op hem!!! Als hij terugkomt zal zijn backpack tot aan de rand gevuld zijn met prachtige avonturen en onvergetelijke ervaringen.

Een levensles die hem tot een nog mooier mens zal maken dan hij al is.

55719261_2186665468092430_3812412683613896704_n

Tomasz

We kamperen in eigen huis nu de verbouwing van de keuken is begonnen. De helft van de huisraad staat in de kelder, de andere helft in kratten verspreid door de woonkamer. Het houten hakblok dient als vervangende keuken, bezaaid met borden, bestek, koffie en hagelslag.

Koken is een avontuur. Mijn lief trok de gasbrander uit de mottenballen en bouwde buiten de lekkerste hamburger. Zalmpje en scampi’s waren een succes, nadat ik na 15 minuten eindelijk de viskruiden en het zeezout had gevonden. Knoflook-krieltjes in de Airfryer, tricolore salade erbij, helemaal goed. Verder amuseerden we ons met de gourmetplaat en at ik deze week mijn eerste magnetronmaaltijd. Ik verwachtte er niets van maar werd getrakteerd op overheerlijke rendang. Kan me niks schelen wat ze zeggen, ik hou deze erin!

Donderdagavond stonden we tot 23.00 uur op een ladder muren voor te strijken zodat de dag erna de stukadoors zouden kunnen beginnen. Biertje in de ene hand, kwast in de andere en een muziekje op de speakers. Je moet er het beste van maken, toch? Stipt 8.00 uur stonden ze op de stoep: Tinus en Tomasz. Tinus uit Landgraaf, Tomasz zag het levenslicht 1000 km oostelijker. Tinus is een kruising tussen een Maffioso en een zeehond. Als hij staat te vertellen word ik zo afgeleid door zijn snor dat ik niks hoor omdat mijn gedachten afdwalen naar klappende zeehonden met een bal op hun neus. Tomasz is al 24 jaar hier in ons land maar spreekt geen Nederlands en 3 woorden Duits. Dat komt goed uit want zijn kunstgebit heeft ‘ie lekker thuisgelaten.

Tot onze verbazing peert Tinus ‘m nadat hij het materiaal heeft afgeleverd. Op naar de volgende klus. We blijven achter met Tomasz. Tegen alle verwachtingen in lult hij ons de oren van het hoofd. We verstaan er geen fluit van maar met handen en voeten komen we een heel eind. Hij moet nog 17 jaar tot aan zijn pensioen maar is nu al op, zoals hij zelf zegt. De rug wil niet meer. Met regelmaat rinkelt zijn Nokia 3210. Hij praat over het weer en zijn crisiservaringen door de komst van de euro. Tomasz is aandoenlijk, beleefd en ontzettend vriendelijk. Ondanks dat ik me voorstel als ‘Denise’ ben ik van begin af aan ‘Cheffin’ en dat 3 keer per zin. ‘Kaffee?’ vraag ik. ‘Cheffin? Ja Cheffin bitte kaffee, lekker Cheffin’. Na 2 kannen gaat ‘ie als een tierelier door keuken, bijkeuken en toilet. Als wij gaan lunchen en hij niet wil aansluiten maar kiest voor koffie met een sigaretje, sla ik hem gade vanachter het raam. Hij zit buiten, diep gebukt, in gedachten verzonken. Het geeft een triest plaatje weer van een man die het zo te zien niet makkelijk heeft gehad in een leven vol keiharde arbeid.

Anderhalf uur voor de beoogde eindtijd kondigt Tomasz zijn vertrek aan, de klus is geklaard. ‘Cheffin? Cheffin koeke ich goet doen Cheffin?’ Ik volg zijn gang gedwee als hij mij iedere centimeter laat zien. Tomasz heeft een puik staaltje vakwerk afgeleverd en geeft nog gratis tips over de verdere afwerking. Ik bedank hem hartelijk en duw hem als toetje een grootverpakking Estrella in zijn handen. Hij straalt van oor tot oor. Na een slap handje nemen we afscheid. Vandaag is maar weer eens bewezen dat een eerste indruk niets zegt. Weer een levenslesje wijzer. Tomasz zit in ons hart en krijgt de prijs voor stucer van het jaar.

De rust is voor even weer wedergekeerd in huize Haanappel. Onder het mom ‘quality time’ gaan we even lekker de stad in met z’n tweetjes. Een paar pumps rijker genieten we in het begin van de avond van een heerlijke borrel. Life is good!

Maandag komt de electrien… Ik laat me verrassen!pump

Afzuiggleuf

Onze keuken uit 1583 is aan vervanging toe.

Toen we ons huis 7 jaar geleden kochten was alles perfect. Althans, wíj vonden alles perfect. Beetje kalk op de muren, niks meer aan doen. Helemaal gelukkig genoten we met volle teugen. Niet zo gek ook, we kwamen uit een kippenhok met zoveel slaapkamers dat we 3 van de 5 kinderen ‘s nachts zowat op elkaar moesten stapelen. Met een keuken waar je je kont niet kon keren, één wc en een badkamer van ruim 1 m2. Maar we hebben er 5 jaar genoten van de heerlijke buurt, lieve buren en van elkaar. Mooie herinneringen.

Eenmaal in dit huis voelden we ons als God in Gronsveld. We genoten van de ruimte en luxe, ‘bronkten’ mee en leerden buren en dorpsgenoten kennen. Op de eerste dag van de verhuizing werden we uitgenodigd voor een buurtfeest. We ouwehoerden, dansten en dronken eau de vie tot de vogeltjes floten. Hier waren we thuis!

Vorig jaar lieten we het huis voegen en stralen. Het afgelopen jaar bespraken we of en wat we in huis als eerst zouden wilden aanpakken. Het werd de keuken. We waren er snel uit: nieuwe deurtjes op de kasten en klaar. Het liep iets anders.

We vroegen een bevriende ontwerper naar de mogelijkheden. Brainstormend werden, in ons enthousiasme, keukenkastjes een hele keuken, verbouwden we in gedachten ook de rest van de keuken, en namen we de bijkeuken en het toilet ook gelijk mee. We besloten het te doen. In een paar maanden werden de tekeningen gemaakt totdat ze naar onze tevredenheid waren. Het feest kon beginnen!

Vandaag gingen we op zoek naar een wasbak en kraan. In een of andere gerenommeerde ‘hier hebben we alles voor in en om uw huis-zaak’ is alles lelijk. De keukens, de tegels en wasbakken. Ze hebben slechts één mooie kraan waar ze de hoofdprijs voor vragen. Als ik half depressief de uitgang probeer te vinden, valt mijn oog op een reclame video van een kookplaat met geïntegreerde afzuigkap. Terwijl ik gefascineerd naar de video kijk, pielt mijn lief met de knoppen van het apparaat. Uit het niets opent zich uit het midden van de kookplaat een ‘afzuiggleuf’. Na enthousiast oefenen en uitvogelen heeft hij even later de knop in zijn handen maar dat mag de pret niet drukken. Naast de kookplaat is nog een terriyaki plaat om je zalm, T-bone of groene asperges op te bakken. We zijn verliefd en kijken elkaar aan: Die willen we!! Na de euforie komt de prijsopgave én het besef dat we toch maar eens een Staatslot moeten kopen.

Toch blijft het in ons hoofd zitten, ook hier nu bij het kampvuur. Een dergelijke kookplaat betekent ook een andere oven, op een andere plek en geen afzuigkap. Weer een nieuwe tekening.

Maar ja, als je het doet, moet je het goed doen. Maar eens een nachtje goed erover slapen.

Fik & Funkelen

Als kind was ik al gefascineerd door vuur. Als 6-jarige stookte ik met vriendjes fikkie op een afgelegen veldje op een steenworp afstand van mijn ouderlijk huis. Fikmateriaal genoeg maar geen lucifers. Snel haalde ik een doosje van de vensterbank in mijn slaapkamer, uit een of ander aftands Oostenrijks souvenir in de vorm van een ski-schoen. Het vuur brandde goed en wel of de moeder van een van ons kwam en waarschuwde ‘Uitmaken, of ik bel de politie’. Uiteraard aan kinder-dovemansoren gericht. Even later stopte een politiewagen. De moeder had woord gehouden. Wie het vuur had aangestoken was de vraag. Alle vingers richting mij, ‘zij heeft de lucifers gehaald’. ‘Uitmaken!!’ was de straf, wat perfect werkte met het krantenpapier dat we er vervolgens op gooiden. Wisten wij veel, we waren 6… Binnen een uur wist ook mijn moeder het en droeg me op het mijn vader zelf te vertellen als hij uit zijn werk kwam. ‘Peentjes zweten’ heb ik die dag geleerd.

Een meisje-meisje ben ik nooit echt geweest. Ik voetbalde en zat bij de scouting, ver weg van turnsters, balletdanseressen en majoretten. Ik ‘funkelde’ met kaarsen en kampvuurde vrolijk verder bij de scouting.

Het vuur was lange tijd gedoofd totdat ik mijn lief tegenkwam. Hij liet me kennis maken met de Ardennen en Belgische biertjes. Hij nam me vlak na de winter, in het eerste maanden dat we elkaar kenden, mee de bossen in met enkel een slaapzak en matje, en heel veel liefde. Volledig uit mijn comfort zone. We vonden de prachtigste plek, diep in het bos, ver weg van de wereld, en bouwden een kampvuur. We lieten het 12 uur branden en genoten van de enige luxe die we bij ons hadden, een iPod. We deelden wijn, bier, whiskey en onze roerselen. We dansten rond het vuur en praatten tot de zon opkwam.

8 jaar later zijn we nog steeds niet uitgepraat en zeker nog niet uitgefikt. Vuur brengt mensen samen. Vrienden die spontaan aansluiten of kids die marshmallows roosteren. Vuur is magisch en doet iets met je. Starend in de vlammen de week aan je voorbij laten gaan. Muziek draaien en herinneringen ophalen. De wereld even helemaal vergeten. Je grootste fantasieën de revue laten passeren, je dromen dromen, vergeten personen herdenken of gewoon even helemaal nergens aan denken.

*Sky above me*

*Earth below me*

*Fire within me*

Light My Fire – The Doors (1968)